Kijk ook eens bij de
vragen en reacties
of heeft u zelf een tip?

Over ondermelk, fiets en centrifuge


Wat heeft de fiets met zuivel te maken?
In de recente publicatie over de zuivelfabriek van Drunen, Goei Botter, staat het woord fiets vermeld als benaming voor de ondermelk. Dat is de melk die overblijft als het vet is verwijderd. Ook in andere publicaties kwam ik deze zuivelachtige fiets tegen. Henri Elemans schreef over de landbouw in Ravenstein en Herpen in Honderd jaar de hand aan de ploeg. Daarin staat dat de boeren in het begin van de 20e eeuw de ondermelk mee naar huis namen nadat in de fabriek het vet uit de melk was gehaald met een handcentrifuge. “Deze ondermelk, hier ook wel fiets genoemd, was prima kalver- en varkensvoeder.” Aldus Henri Elemans. Zijn broer Jan Elemans schreef over het dialect van Huisseling (bij Ravenstein). Ook hij noemt fiets als dialectwoord voor ondermelk.

Fuus
De vraag is dan, waar komt deze fiets vandaan? In 1999 stond er een verklaring in het tijdschrift Onze Taal, in een artikel van Gerard Kempen, afkomstig uit het Oost-Brabantse Ledeacker. Hij verbond fiets met de centrifuge. Dat is het apparaat dat de room van de melk scheidt. En met die centrifuge gaat Kempen naar de provincie  Limburg. Want daar noemden ze een melkfabriek ook wel ‘de fuus’. Misschien een verbastering van het woord centrifuge.
In de eerste zuivelfabriekjes was immers de centrifuge het belangrijkste apparaat. En de eerste centrifuges werden met handkracht aangedreven. Het draaien aan de zwengel van de centrifuge leek op het trappen van de voeten op de fiets.  Aldus Gerard Kempen in Onze Taal.
Zijn verklaring is niet heel overtuigend. Want in Limburg gebruikten ze dan wel de aanduiding ‘fuus’, maar ‘fiets’ voor ondermelk komen we er niet tegen. Althans niet in de publicaties die ik raadpleegde. Zie de boeken op de website: Driekwart eeuw zuivel in Sittard en Zuivel (over nog bestaande fabrieksgebouwen in Limburg).
 
Monumentje
Het raadsel van deze fiets is dus nog niet opgelost. Vast staat dat ze het woord in Noord-Brabant gebruikten, met name in Oost-Brabant, zo lijkt het. Daar hebben ze ook een klein monumentje voor deze fiets opgericht. Als je op een rijwiel tussen Sint Anthonis en Oploo fietst, kun je daar een straatnaambordje tegenkomen. Daar staat op: “Fiets”-pad” met de verklaring dat dit een dialectwoord was voor ondermelk:



Aad Vernooij (december 2014)