Kijk ook eens bij de
vragen en reacties
of heeft u zelf een tip?

Prachtboek over Friese fabrieken


Zuivelfabrieken in Friesland is de nuchtere titel van een prachtig geïllustreerd boek met honderden foto’s van zo’n 160 fabrieken die er ooit in deze provincie hebben gestaan. Het boek is ook een mooie bijdrage aan de geschiedschrijving over deze zuivelprovincie, die enige achterstand heeft opgelopen.
 
In Delfstrahuizen, op de Marwei 14, staat nog de directeurswoning van de zuivelfabriek die daar in 1900 is gebouwd.  Een herenhuis in de zogenaamde chaletstijl, waarvan er in die tijd vele in Friesland zijn gebouwd. De zuivelcoöperaties wilden niet alleen gemeenschappelijk melk verwerken ten voordele van de aangesloten melkveehouders. Ze vonden blijkbaar ook dat hun gebouwen, die vaak het aanzien van het dorp bepaalden, een mooie uitstraling moesten hebben.
Van al die fraaie gebouwen zijn er weinig bewaard gebleven. Dat is des te meer een reden om het boek Zuivelfabrieken in Friesland aan te schaffen. Daarin staan ze bijna allemaal vereeuwigd. Met als blikvanger de op dubbele pagina’s afgedrukte foto’s uit 1908 van fabrieken die toen bij de Frico waren aangesloten. Daaronder ook de fabriek in Delfstrahuizen. Daarvan is dus wél een deel bewaard gebleven.
 
Verzameling
De aanleiding voor dit boek was de verzameling foto’s, ansichtkaarten, kaasemblemen en voorwerpen van Robert Visser uit Leeuwarden. Uit die schatkamer is in ruime mate geput.  Overheersend zijn de foto’s van de (toenmalige) gebouwen, veelal van het exterieur. Slechts af en toe staan er personeelsleden bij. Een uitzondering is de fotoreportage van de fabriek in Munnekeburen-Langelille, van het centrifugelokaal tot de directeur in zijn kantoor.
Nog een reden om het boek te kopen: de teksten bij de foto’s met data, namen (van oprichters, architecten), verbouwingen, fusies en hergebruik van gesloten fabrieken. Dat monnikenwerk is verricht door Peter Karstkarel.
 
Gedenktekens
Ter inleiding schreef Marijn Molema over de opkomst en ontwikkeling van deze zuivelfabrieken. Hij ziet ze als ‘gedenktekens van economische vernieuwing’. De latere technologische vernieuwing leidde tot sluiting van die fabrieken. Maar het is goed om ons deze geschiedenis te herinneren voor meer inzicht in de factoren die een rol spelen bij innovatie.
Dat is ook een reden om voormalige zuivelfabrieken als industrieel erfgoed te bewaren al dan niet met een nieuwe bestemming. En een aansporing om de geschiedschrijving van de Friese (en hele noordelijke) zuivel te intensiveren. Vergeleken met andere regio’s is daarin een achterstand goed te maken. Met dit boek is daarmee een mooie bouwsteen aangeleverd.
 
Het boek is uitgegeven door Noordboek en is te koop voor 39,90 in de boekhandel of bij de uitgever: www.bornmeer.nl